Kamishibai (kami = papier, shibai = drama, papieren drama dus) komt oorspronkelijk uit Japan. Snoepverkopers reisden van markt naar markt in de verschillende dorpen. Met een mooi verhaal in een inklapbaar theatertje trokken ze de aandacht van de kinderen. Na afloop werd er snoep verkocht aan de aanwezige klantjes, want daar ging het allemaal om. Vaak zorgden de snoepverkopers voor een vervolgverhaal met een spannende cliffhanger, zodat er een vaste klantenkring werd opgebouwd.
Een handige aanpak! Dertig jaar lang, van 1920 tot 1950. maakte deze verteltechniek furore in Japan, en het werd de voorloper van de populaire mangacultuur.
Onze bibliotheek heeft een ruime collectie van 100 kamishibai-vertelplaten. Je vindt ze op het gelijkvloers achter de lift. De kamishibai-vertelplaten zijn ideaal om voor te lezen aan groepen. We lenen de vertelplaten uit, samen met het prentenboek.
Tips om met Kamishibai-vertelplaten aan de slag te gaan:
• Kies een rustige ruimte om voor te lezen en hou je kleding sober
• Ga schuin achter het kastje zitten
• Oefen het verhaal in en controleer voor aanvang de juiste volgorde van de vertelplaten
• Bedek het kastje met een doek tot de voorstelling begint
• Open en sluit de deurtjes rustig
• Creëer zoveel mogelijk het wij-gevoel
• Communiceer met je publiek
• Aantal platen: voor peuters max. 8, voor kleuters 12, voor oudere kinderen max. 20
• Gebruik niet teveel dynamiek bij het wegschuiven van de platen
• Gebruik spreektaal, hou het kort en bondig