Filosofische dialoog over hoe destijds (45 v.Chr.) drie belangrijke filosofische scholen over de aard van de goden dachten.
Onderwerp
Godsbegrip
Titel
De goden / Cicero ; vertaald en van aantekeningen voorzien door Vincent Hunink ; met een inleiding van J. den Boeft
Auteur
Marcus Tullius Cicero
Vertaler
Vincent Hunink
Taal
Nederlands
Oorspr. taal
Latijn
Oorspr. titel
De natura deorum
Uitgever
Amsterdam: Athenaeum-Polak en Van Gennep, 1993
176 p.
ISBN
90-253-0690-X (hardback) 9789025306908 (hardback) 90-253-0691-8

Besprekingen

De Romeinse redenaar en auteur Cicero (106-43 v.Chr.) schreef zijn filosofische werken aan het eind van zijn leven, toen hij politiek op een zijspoor was gezet. In de 'De natura deorum' ('Over de aard van de goden') van 45 v.Chr. geeft hij in de vorm van een filosofische dialoog de drie belangrijkste filosofische scholen het woord: de school van Epicurus, de Stoa en de Academie. Zij gaven een verschillende rol aan de goden: Epicurus een heel geringe, de Stoïcijnen zagen overal goddelijke machten en de sceptische Academici bleven het antwoord schuldig. Na een korte inleiding door de classicus en vertaler Rogier van der Wal biedt de Nijmeegse latinist en bekende vertaler Vincent Hunink een goede, prettig leesbare vertaling met een korte en adequate annotatie.

Over Marcus Tullius Cicero

Marcus Tullius Cicero (Latijnse uitspraak: [ˈkɪkɛroː]?) (Arpinum, 3 januari 106 v.Chr. – Caieta, 7 december 43 v.Chr. ) was een Romeins redenaar, politicus, advocaat en filosoof. Zijn leven speelde zich af tijdens de overgang van de Romeinse Republiek naar het keizerrijk. Hij was zelf erg betrokken bij de belangrijkste politieke gebeurtenissen in die tijd. Cicero's geschriften geven daarom een belangrijk, maar vanzelfsprekend gekleurd inzicht in die periode.

Biografie

Cicero is de enige Romein uit de klassieke periode van wie een bijna volledige biografie bewaard is in de volgende bronnen:

  • Cicero vertelt in zijn redevoeringen en werken veel over zichzelf (semiautobiografisch).
  • Vrienden van hem, onder wie Titus Pomponius Atticus en Cornelius Nepos, hebben over zijn leven geschreven.
  • Er is van Cicero een vrij omvangrijke briefwisseling bewaard gebleven.

Lees verder op Wikipedia